Blog 115 jaar #4: De bulderende lach van Hans Volwerk

16 augustus 2017

,,Henk Zon vroeg of het iets voor mij was. Ik had geen enkele ervaring, maar hij zei – wijzend naar de lucht: als je dat niet mee hebt, kun je papieren hebben, maar daar heb je dan niets aan. Regen en temperatuur kun je immers niet beïnvloeden. Ik besloot de baan aan te nemen. Want wat is nou lekkerder dan de hele dag buiten lopen en soort van eigen baas te zijn?’’

Zo werd Hans Volwerk in 1968 de nieuwe terreinman van Excelsior. Deze voetballiefhebber, geboren op de grens van Kralingen en Crooswijk, kwam al wat jaren op Woudestein. Bij de thuiswedstrijden en op de ‘vrijdagmiddagborrel’ in het clubhuis. ,,Voorzitter Henk Zon was dan altijd aanwezig en ook Olympisch bokskampioen Bep van Klaveren kwam regelmatig langs.’’

Toeval of niet, nadat hij was aangenomen als terreinman promoveerde Excelsior onder leiding van trainer Bob Janse in twee jaar tijd van de Tweede naar de Eredivisie. ,,Is dat zo?’’ zei hij nuchter toen ik hem vroeg naar de invloed van zijn werkzaamheden. ,,Dat kan ik me niet meer herinneren. Of dat aan mij lag? Wel nee. Excelsior heeft altijd een goed veld gehad.’’

Zeker is dat hij alle gebeurtenissen in de moderne geschiedenis van Excelsior van dichtbij heeft meegemaakt. Zo zag hij een groot aantal trainers komen en gaan. ,,De leukste trainer die ik heb meegemaakt was Sandor Popovics (seizoenen 1990-1992). Daar kon je altijd mee lachen. En de fijnste was Hans Dorjee (seizoenen 1980-1982), een schitterende vent die helaas veel te vroeg overleden is.’’

Over alle trainers kan hij wel iets vertellen. Zoals over Henk Wullems (seizoenen 1986-1988): ,,Die zat in de kantine te kaarten, moest gaan trainen, maar wilde eerst het potje afmaken. H ij gaf mij de ballen en zei: ga jij even aan die gasten doorgeven dat ik er zo aan kom.’’

Bekend en berucht is de terreinman van Excelsior vanwege de honden die hij gehad heeft. Zo was er een tijd waarin hij drie herders had, die overdag allemaal op Woudestein bivakkeerden. ,,Die waren een beetje vals’’, gaf hij toe. ,,Ze lagen altijd binnen het hek naast de kleedkamers. Vrijwel iedereen was bang voor die honden, en terecht. Ik moest dus altijd zorgen dat ze weg waren als de spelers aan het eind van de middag kwamen om te trainen.’’

De komst van kunstgras in 2010 veranderde zijn werkzaamheden, maar Hans Volwerk bleef degene die ’s ochtends vroeg als eerste aanwezig was om het stadion te openen. Hij stond de medewerkers, trainers en spelers altijd op te wachten. Ongezouten commentaar op de wedstrijd van het weekend of het laatste nieuws en telkens weer diezelfde grappen. Tot zijn leeftijd en gezondheid hem in 2017 dwongen om met pensioen te gaan. Nog steeds staat hij elke ochtend vroeg naast zijn bed. Voor een wandeling langs de Maas, een fietstochtje naar de stad of een bezoekje aan Excelsior.

Hij kan smakelijk vertellen over vroeger. Verhalen die steevast worden gevolgd door zijn bulderende lach. Zoals over de uitbetaling van de salarissen. ,,Dat gebeurde vroeger cash. Penningmeester Mart Borneman kwam dan naar Woudestein. Hij stond buiten te wachten tot de spelers klaar waren. Meestal duurde hem dat te lang en kwam hij de kleedkamer binnen om ze onder de douche hun loonzakje uit te reiken, haha.’’

,,Bij nieuwjaarsrecepties stond Borneman vroeger altijd bij de deur. Dan kreeg je bij binnenkomst een hand en twee consumptiebonnen. Het gebeurde regelmatig dat we er dan bij de achterdeur weer uitgingen, hem bij de voordeur opnieuw een hand gaven en weer twee bonnen kregen, haha.’’

Terug naar blog 115 jaar