Blog 115 jaar #43: Samenwerken met Feyenoord

16 mei 2018

Twaalf spelers die de overstap hadden gemaakt van Feyenoord naar Excelsior poseerden voor aanvang van het seizoen 2002-2003 tijdens de fotopersdag voor de teamfoto. Met z’n twaalven werden ze door sommige fotografen vastgelegd als bewijs dat Excelsior was overspoeld door een invasie van Feyenoorders.

Zbigniew Malkowski, Shelton Martis, Jan Frederiksen, Brett Holman, Gill Swerts, Patrick Mtiliga, Danny Buijs, René van Dieren, Dick Tijdeman, Saïd Boutahar, Steve Olfers en Cor Varkevisser kregen later in het seizoen nog gezelschap van Michel Bastos, Nam-Il Kim en Civard Sprockel.

Excelsior was in het jubileumjaar – de club bestond honderd jaar – gepromoveerd naar de Eredivisie en had de hulp van ‘grote broer’ Feyenoord nodig om een eredivisiewaardig team op de been te krijgen. Hoe mooi veel mensen het ook vonden om een aantal van deze geweldige voetballers aan het werk te zien, de samenwerking was volgens sommige fans doorgeslagen.

Eind februari 1996 had voorzitter Martin de Jager de overeenkomst, waarbij Excelsior satellietclub werd van Feyenoord, aangekondigd: ‘Deze samenwerking is een vooruitdenkende zet van voorzitter Jorien van den Herik geweest om de opleiding van Feyenoord te versterken.’ Spelers van Feyenoord kwamen vanaf dat moment op de loonlijst van Excelsior, maar werden betaald door Feyenoord.

,,De handreiking door Jorien van den Herik is voor Excelsior van essentieel belang geweest’’, zegt De Jager terugkijkend. ,,De basis voor de samenwerking werd gelegd tijdens een overleg waarbij Van den Herik, Rob Albers, juriste Nicole Edelenbos en ik aanwezig waren. Ik vroeg aan Jorien: ‘Hoeveel contractspelers hebben jullie eigenlijk?’ Zijn antwoord: ‘53’. Ik weer: ‘Maar je kunt er toch maar elf opstellen?’ We hebben toen op die dag gezamenlijk een concept opgesteld.’’

,,Rob en ik waren het zat om elke wedstrijd de bestuursleden van de tegenstanders te moeten feliciteren. Dus moesten we iets verzinnen om het elftal te versterken. Wij konden echt wel ergens elf spelers vandaan halen, maar er waren wedstrijden bij waarbij we 62 betalende toeschouwers konden noteren. Dat kon niet zo doorgaan. Als je aan het zinken bent, dan pak je elke reddingsboei die je kunt grijpen.’’

Die reddingsboei was in dit geval dus een samenwerking met Feyenoord. ,,Natuurlijk was er kritiek’’, herinnert De Jager zich. ,,Maar daar had ik lak aan. Mijn ploegje begon weer wedstrijden te winnen! Diezelfde fans stonden te juichen toen we in 1998 periodekampioen werden bij Go Ahead Eagles. Voor het voortbestaan van Excelsior was die samenwerking destijds cruciaal. Als je als club bestaansrecht wilt hebben, dan telt maar één ding: wedstrijden winnen.’’

Dat Excelsior halverwege de jaren negentig bij Feyenoord uitkwam, was overigens niet verrassend. Er werd destijds gesproken met Sparta over een gezamenlijk stadion, maar net als ruim twintig jaar eerder bleken Excelsior en Feyenoord het beter met elkaar te kunnen vinden dan met Sparta. Hetzelfde gebeurde aan het eind van de jaren zeventig, toen de drie clubs met de gemeente in gesprek waren over subsidie. Met name Excelsior stond er destijds in financieel opzicht slecht voor.

Met het huren van Feyenoorders als André Stafleu en Dick Ernst had Excelsior ervaring opgedaan. Het bleek dat voetballers die daar buiten de boot vielen, voor Excelsior van waarde konden zijn. ,,Wij waren in gesprek met Sparta over een gezamenlijk stadion en misschien wel een fusie’’, vertelde toenmalig voorzitter Jaap Bontenbal ooit. ,,Feyenoord zag onze besprekingen met Sparta met lede ogen aan. Peter Stephan, de voorzitter van Feyenoord, schoot mij een keer aan en vertelde dat hij over samenwerking wilde praten.’’

Half augustus 1978 werd deze ‘verregaande technische samenwerking’ wereldkundig gemaakt: ‘De clubs hebben afspraken gemaakt over uitwisseling van spelers, de scouting en de opleiding van jonge spelers. De samenwerking betreft ook het technische en medische gebied alsmede oefenprogramma’s en dergelijke.’ Later speelden zij enkele dubbels in de Kuip, waarbij Excelsior eigenlijk in het voorprogramma speelde van Feyenoord.

In 1988 werd in de kranten melding gemaakt van een hernieuwde overeenkomst. Deze vloeide voort uit een contract dat Rob Jacobs had getekend bij Excelsior. Hij zou terugkeren op Woudestein, maar werd benaderd door Feyenoord. Omdat hij zijn handtekening net onder een contract bij Excelsior had gezet, kwamen de clubs overeen dat er een oefenwedstrijd gespeeld zou worden, waarvan de opbrengst naar Excelsior zou gaan. Ook zouden de clubs weer gaan samenwerken.

Het duurde echter tot 1996 voordat de samenwerking tussen beide clubs echt van de grond kwam. ,,Die samenwerking was ook bedoeld om bij Excelsior een professionele organisatie neer te kunnen zetten’’, zegt Simon Kelder, die als algemeen directeur terugkeerde op Woudestein. ,,Daarvoor zat er eigenlijk niemand op kantoor, dat kun je je niet meer voorstellen. Dankzij die constructie en de financiële steun die daarbij hoorde, konden wij een aantal mensen aannemen. Dat hadden wij op eigen kracht nooit kunnen doen.’’

Er was veel kritiek van mensen die vonden dat Excelsior zijn ziel had verkocht en geen eigen identiteit meer had. ,,Ik snap best dat mensen zo dachten, maar wat hadden we dan moeten doen? Blijven aanmodderen? Als je vergelijkbare clubs als Excelsior ziet en kijkt waar zij nu staan en waar wij staan, dan blijkt hoe belangrijk die samenwerking is geweest voor Excelsior.’’

Kelder spreekt niet voor niet van ‘een ondergewaardeerde samenwerking’. ,,Het was heel vervelend dat wij ons steeds weer moesten verdedigen, terwijl we het deden voor Excelsior. Het uiteindelijke doel was om Excelsior vooruit te brengen en gezien de successen die we sinds de start van de samenwerking hebben gehad, is dat gelukt. We zijn sindsdien vier keer gepromoveerd naar de Eredivisie.’’

Minder tevreden kijkt hij terug op de laatste jaren van de samenwerking, die anders werden ingevuld: ,,Er was regelgeving vanuit de KNVB voor jeugdopleidingen, waaraan wij niet konden voldoen. Daarom gingen we in 2009 een nieuwe overeenkomst aan.’’ Deze volgde op een aanvankelijk aangekondigd einde van de samenwerking tussen Excelsior en Feyenoord.

Opnieuw was er veel weerstand. Boze supporters van Excelsior wilden juist dat hun club meer op eigen benen zou komen te staan. In plaats daarvan werden de jeugdopleidingen samengevoegd en ging het gezamenlijke beloftenteam onder leiding van André Hoekstra in Feyenoordshirts spelen. Alex Pastoor, een jaar eerder door Feyenoord binnengehaald als trainer van de beloften, werd de opvolger van Ton Lokhoff als hooftrainer van Excelsior.

Na afloop van de play-off wedstrijd tegen RKC Waalwijk werd de club door de fans op het parkeerterrein symbolisch ten grave gedragen. ,,Uiteindelijk pakte die laatste overeenkomst niet goed uit’’, geeft Kelder nu toe. ,,Er kwamen andere mensen en die vulden de afspraken die we hadden gemaakt anders in. Gelukkig bleken we niet helemaal afhankelijk van Feyenoord en gingen we het steeds meer zelf invullen.’’

Na promoties in 2002, 2006, 2010 en 2014, werd de samenwerking tussen Excelsior en Feyenoord per 1 juli 2015 officieel beëindigd. Algemeen directeur Ferry de Haan verklaarde toen: ,,We varen tegenwoordig allebei meer een eigen koers, waarbij andere keuzes worden gemaakt. In goed overleg zijn wij daarom tot de conclusie gekomen dat van de oorspronkelijke samenwerking niet veel meer over was en dat het beter was om dat wat er formeel nog lag te verbreken.’’

Terug naar blog 115 jaar